23

[mei 1950]

beste Minne,

nog steeds geen brief, geen woord, geen manuscript... ik dacht al dat ge het eens op een dinsdag gingt meebrengen. Maar ja, zoals die vroegere keer, waarin ge ook al beloofd had eens op een dinsdag te zullen binnenvallen! Wij hadden toen een taart gebakken met in schone krullekens:

welkom, richard minne

maar een poos daarna moesten we die taart al bij den coiffeur doen, haar en baard laten wegscheren... en tenslotte kwam ze op den vuilbak terecht. Wie met vuur speelt zal zich branden... wie taarten op den vuilbak doet terechtkomen zal... ja, wat zal die? Ik hoop voor u en voor mijn Jan de lichte het beste. Stuurt ge het mij, of zien wij u eens op een dinsdag?

hartelijk, vanwege uw Boontje