41

[begin 1954]

Beste Minne,

ik tik niet gaarne brieven op de schrijfmachine, maar het moet nu wel: onze Jo is er met mijn vulpen vandoor. Verder alles in orde – zoals de stervende zei (alleen vroeg hij nog even, of men de kaars wat rechter wou zetten, want ze drupte zo op zijn handen). En aan ons album van krantenknipsels (de laatste tijd zijn er machtige verschenen! hebt ge het bericht uitgeknipt over deze, die zich ‘het schorremorrie’ noemden, en zich tot taak hadden gesteld iedere avond een meisje te verkrachten?) en aan dat album voeg ik nog een verzameling van ‘galgenhumor’ toe. Kent ge de grap van de twee Joden die elkander ontmoeten... De eerste Jood zegt: Ik stap het hier af, ik ga naar Brazilie wonen. De tweede Jood: Zo ver! De eerste Jood (verwonderd): Ver... Van wat?
Toen ik deze mop de eerste keer hoorde heb ik bijna moeten wenen.

Ondertussen, zeer hartelijk, uw Boontje

P.S. Geef dit aan de man van ‘twintig lijnen’ als hij niets anders heeft.