48

[juni 1954]

Beste Minne,

hierbij alweer dan op het laatste nippertje mijn copij, alhoewel ik mij voortdurend wijsmaak, dat ik nu eens genoeg zal schrijven. Maar ik ben weer bevallen van een nogal uitgebreid verhaal, iets van een zeventig bladzijden. Het is niet zozeer noodzaak dat schrijven, maar wel dwang: kak of geen kak, de pot op.
Ik zou willen naar De Block schrijven om toch maar mengelwerken te mogen schrijven voor Vooruit – iets in de genre die A. Hans schreef voor het Laatste Nieuws. Ge weet wel, een beetje bloed en tranen, een onechtelijk kind, een bedrogen meisje, een rijke meneer, enz. En dat alles zich afspelend hier bij ons – liefst in de omtrek van Gent. Zelfs als ik daar maar 2000 of 3000 ballen voor krijg valt dat nog te doen. Ik trommel dan dagelijks een goei tien bladzijden. Ik maak morgen of overmorgen alvast een paar plannen voor dergelijke mengelwerken en stuur hem die eens op. Wij kunnen daar nog plezier aan beleven!
uw Boontje.