Derde druk (1975)

Louis Paul Boon, Abel Gholaerts, Uitgeverij De Arbeiderspers / Em. Querido’s Uitgeverij B.V., Amsterdam, 1975, 340 p. ISBN : 90 214 1317 5

· Copyright : Louis Paul Boon, 1944.

· Omslagtekening : Wout Muller.

· Collatie : [1-4], 5-6, 7-337, [338-340] ; 12,5 x 20 cm. Bindwijze: garenloos gebrocheerd.

· Annotatie : Op p.5-6 is opnieuw de brief van Boon aan Tine van Buul van uitgeverij Querido opgenomen, gedateerd mei 1968. Aan deze brief is in facsimile een handgeschreven briefje van Boon toegevoegd, gedateerd op november 1974.

· Flaptekst :
Abel Gholaerts is Louis Paul Boons tweede roman, in 1944 tussen De voorstad groeit en Vergeten straat in verschenen. Het is lange tijd eigenlijk een ‘verloren’ boek geweest, aanvankelijk op kleine schaal verspreid (en dan eigenlijk alleen in België) jarenlang slechts nu en dan – en dan tegen hoge prijzen – antiquarisch te bemachtigen. De tweede druk, waarin Boon na veel aarzeling toestemde, heeft bijna vijfentwintig jaar op zich laten wachten. Een merkwaardige gang van zaken, temeer waar juist dit boek in het oeuvre van Boon een zeer unieke plaats inneemt.
Abel Gholaerts getuigt van zijn bewondering voor Vincent van Gogh (Boon schildert zelf sinds lang) en is een poging om in een vervlaamst en verroomst verdichtsel Van Goghs jeugd te romantiseren. Dit voornemen is hem uit de hand gelopen; de roman bevat ook veel uit Boons eigen jeugdtijd.
Abel Gholaerts is naar de vorm een van Boons ‘gewoonste’ boeken. Het past ook het meeste in de traditie van de Vlaamse romanciers als Cyriel Buysse, Willem Elsschot en Gerard Walschap, die vele tientallen jaren lang hun Nederlandse collega's zo briljant hebben getart met de menselijke kant van hun werk. Bij de tweede druk heeft Boon Abel Gholaerts voorzien van een voorwoord, waarin hij het ontstaan van de roman beschrijft en het uitblijven van het vervolg, dat Van Gogh-Gholaerts' Franse tijd had moeten beschrijven, verklaart.
In een P.S. bij deze derde druk citeert Boon Willem Elsschot, die hem ooit schreef: ‘Ik las het boek met tranen in de ogen.’