- 'Van de Vlaamse Emile Zola, met trekjes van Louis-Ferdinand Céline, verloederde Boon tot de Vlaamse Hedwig Courths-Mahler, met trekjes van D.H. Lawrence. Ook Willem Elsschot moet tot die conclusie zijn gekomen. De oude vriendschap, die zo innig is geweest tot eind van de jaren veertig, bloeide [sic] langzaam maar zeker dood. […] Een van de redenen is dat Boon veel kritiek had op Elsschots Bormsgedicht uit 1947, maar zelf tegen de verzwakking van zijn oude idealen nauwelijks iets deed en zich literair begon af te rukken met softporno.' (Knack van 1 februari 2006)


- 'Om de paar maanden komt momenteel een deel van het Verzameld Werk van Louis Paul Boon uit. Ons oog wordt zo ook naar het onbekendere werk van de Vlaamse grootmeester getrokken. Boon boekstaafde zijn fascinatie voor de gedesillusioneerde, naoorlogse jeugd in verschillende ‘onkruidromans’, nu samengebracht in deel 14 van Boons oeuvre-overzicht. [...]
Na het lezen van deze ‘onkruidroman’ besef je eens te meer wat voor een merkwaardig figuur de in 1979 – zeven jaar na de verschijning van Als het onkruid bloeit – overleden auteur was. Uiterst getalenteerd en even eigenzinnig, steeds maar blijk gevend van zijn discutabele obsessie voor jonge meisjes, op onnavolgbare wijze zijn eigen biografie in zijn werk vermengend een eeuwig provocerend zonder onsympathiek te worden. Hoofdschuddend sla je deel 14 dicht om vervolgens de volgende uitgave van Boons Verzameld Werk gretig op te pakken: binnenkort deel 4: De atoombom en het mannetje met den bolhoed/Mijn kleine oorlog.' (www.8weekly.nl van 16 februari 2006)

[terug]