Naphtebak
VW, p.64-65

p.64

TSa:     <NAPHTEBAK>>naphtebak> [- gecentreerd]

D1:       <napthebak>>NAPHTEBAK> [+ gecentreerd]

D2:       <NAPHTEBAK>>Benzinetank> [- gecentreerd]

 

D1a:     <dat wij>>[xxxxxx]> in de blokken aan de<-n> <l>>L>uien <h>>H>oek

D1b:     <[xxxxxx]>>dat wij> in de blokken aan de Luien Hoek

D2:       dat <wij>>we> in de blokken aan de Luie<-n> Hoek

 

D1a:     en de<-n> oorlog <oplossen>>opgelost>

D2:       <+ ,> en de oorlog opgelost

 

TSa:     een <tweede>>2de> front opgericht hadden en <den Duitsch>>de duitschers> in <R>>r>usland door de koude volkomen vernietigd hadden,

D1a:     een <2de>>tweede> front opgericht <- hadden> en de <d>>D>uitschers in <r>>R>us­land door de koude volkomen vernietigd <- hadden>,

D2:       een tweede front opgericht en de Duits<-ch>ers in Rus­land door de koude volkomen vernietigd,

 

TSa:     en <Mon>>mon-die-op-de-viscose-werkt> gezegd had dat hij nog liever dood viel

D1a:     <+ -> en <m>>M>on-die-op-de-viscose<+fabriek>-werkt <gezegd had>>had gezegd> dat hij nog liever dood viel

D1b:     <- -> en Mon-die-op-de-viscosefabriek-werkt had ge­zegd dat hij nog liever dood viel

D2:       <- en> <+ zei> <mon-die-op-de-viscosefabriek-werkt>>Mon die op de viscosefabriek werkt><- had gezegd> <+ :> dat hij nog liever <dood viel>>doodviel>

 

TSa:     om een <Duitsch>>duitschen> soldaat te helpen, en <Andréken, die de tering had,>>  emile-die-de-tering-had> daar op geantwoord had <dat die>>[xxx xxx] =dat die> <D>>d>uitsche jongens toch sympathiek waren <- ,>

D1a:     om een <duitschen soldaat>>duitscher> te helpen, en <emile>>Emiel>-die-<- de->tering-had daar op geantwoord had <+ ,> dat die <d>>D>uitsche jongens <toch sympathiek waren>>daar toch niets konden aan verhelpen> <+ ,>

D2:       om een <duitscher>>Duitser> te helpen < , >> . > <e>>E>n <Emiel-die-tering-had>>Emiel die de tering had> <daar op geantwoord had>>antwoordde daarop> < , >> : > dat die Duits<-ch>e jongens daar toch <+ ook> niets konden aan verhelpen,

 

TSa:     niet zijn <- ,> wij zijn voor den koning en zijn zijn voor <H>>h>itler, en dat daarop weer een andere <antwoordde>>geantwoord had> dat wij zoomin voor den koning zijn

D1a:     niet zijn <+ :> wij zijn voor den koning en zijn zijn voor hitler <,>>.> <e>> E>n <- dat daarop weer> een andere <+ had daarop weer> geantwoord <- had> <+ ,> dat wij zoomin voor den koning zijn

D2:       niet <zijn>>waren> <:>>,> wij zijn voor de<-n> koning en zij zijn voor <h>>H>itler. En een andere had daarop <- weer> geantwoord  <,>>:> dat wij zo<-o> min voor de<-n> koning zijn

 

TSa:     <onszelf>>ons-zelf>

D2:       <ons-zelf>>onszelf>

 

TSa:     en dat wij niets anders moeten hebben dan gerust gelaten te worden <- ,> wat peinst gij er van? dien avond zat ik op mijn hurk en keek naar den vallenden avond

D1a:     en dat wij niets anders <moeten hebben>>verlangden> dan <+ te worden> gerust gelaten <- te worden> wat peinst gij er van? <d>>D>ien avond <+ dan> <+ ,> zat ik <op mijn hurk>>daar gehurkt> en keek naar den vallenden avond

D2:       en dat wij niets anders verlangden dan te worden gerust gelaten <+ . > <- wat peinst gij er van?>  [+X] Die<-n> avond dan <- ,> zat ik daar <- gehurkt> en keek naar de<-n> vallende<-n> avond

 

D1a:     dat het iederen keer schooner om <- te> zien was

D2:       <+ , > dat het iedere<-n> keer scho<-o>ner om zien was

 

TSa:     , ik vroeg mij tevens af hoe lang <- ,> hoe lang <- ,> hoe lang die oorlog nog ging duren,

D1a:     <- ,> ik vroeg mij tevens af hoe lang hoe lang hoe lang die oorlog nog ging duren,

D2:       <+ , > ik vroeg <mij>>me> tevens af hoe lang <+ , > hoe lang <+ , > hoe lang die oorlog nog <ging duren>>duren ging>,

 

D2:       <gekomen was>>was gekomen>

 

TSa:     die <eerste>>Iste> was nog maar juist achter den rug of mijn pa zei al <«>>"> voor u zal het nog eens moeten oorlog worden <»>>"> als ik eens het noeneten niet mocht,

D1a:     die Iste was nog niet goed achter den rug of mijn pa zei al "voor u zal het nog eens moeten oorlog worden" als ik eens het <noeneten>>middageten> niet <mocht>>lustte>,

D2:       die <eerste>>Iste> was nog <maar juist>>niet goed> achter de<-n> rug of mijn <pa>>vader> zei al < " >> ' > voor u zal het nog eens <- moeten> oorlog <+ moeten> worden < " >> ' > als ik eens het middageten niet lustte,

 

TSa:     en daarna was ik soldaat en daarna vocht men in <S>>s>panje, neen <- ,> nooit trok die waanzin eens van over de wereld.

D1a:     en daarna vocht men in <s>>S>panje, neen nooit trok die waanzin eens <- van> over de wereld <+ weg>.

D2:       en <+ dan> daarna was ik soldaat en <+ dan> daarna vocht men <+ al> in Spanje, neen nooit trok die waanzin eens over de wereld weg.

 

TSa:     <Want dat het niet aan dat arme simpele volk lag, dat wist ik>>ik twijfelde er aan of het aan dat arme simpele volk lag> <- . > <En ook niet>>of> aan den geldmuur <- ,> <en ook niet>>of> omdat er <teveel>>te veel> volk was <en ook niet>>of> omdat er <teveel>>te veel> geproduceerd werd <.>>,> <Het was>>of dat het> alleen een ziekte <- ,> een <Delirium Tremens>>delirium-tremens> <- ,> een Waanzin van de aarde-<zélf>>zèlf> <+ was> <.>>,> <+ ik twijfelde aan alles> <E>>e>n daar zitten<-d> dubbend en vergetend

D1:       <i>I>k twijfelde er aan of het aan dat arme simpele volk lag of aan den geldmuur of omdat er te veel volk was of omdat er te veel geproduceerd werd, of dat het alleen een ziekte een delirium-tremens een Waanzin van de aarde-zèlf was, ik twijfelde aan alles en daar zitten dubbend en vergetend

D1a:     Ik twijfelde er aan of het aan dat arme simpele volk lag of aan den geldmuur of omdat er te veel volk was of omdat er te veel geproduceerd werd, of dat het alleen een ziekte een delirium-tremens een <W>>w>aanzin van de aarde-zèlf was <,>>.> <i>>I>k twijfelde aan alles en <daar zitten dubbend>>piekerde> en <vergetend>>vergat>

D2:       Ik twijfelde er aan of het aan dat arme simpele volk lag of aan de<-n> geldmuur of omdat er <te veel>>teveel> volk was of omdat er <te veel>>teveel> geproduceerd werd, of dat het alleen een ziekte een delirium-tremens <- een waanzin> van de <aarde-zèlf>> aarde zelf> was. Ik <- twijfelde aan alles en> piekerde en vergat

 

TSa:     <Andréken>>emile>

D2:       <emile>>Emiel>

 

D1a:     <+ en meteen> waren de vliegers daar

 

TSa:     een <Duitsch>>duitscher> <- ,>

D1a:     een duitscher <+ ,/. [?]>

D2:       een <duitscher>>Duitser> <- ,/. [?]>

 

TSa:     <J>>j>a <- ,> maar is <dât>>dàt> daar ook een <Duitsch>>duitscher>? <H>>h>et zijn bogot <E>>e>ngelschen <- ,> het is een luchtgevecht <- ,> loop loop.

D1:       <j>>J>a maar is dàt daar ook een duitscher? <h>>H>et zijn bogot engelschen het is een luchtgevecht loop loop.

D1a:     Ja maar is dàt daar ook een duitscher? Het zijn <bogot>>bijgod> <e>>E>ngelschen het is een luchtgevecht loop loop.

D2:       Ja maar is dàt daar ook een <duitscher>>Duitser>? Het zijn bijgod Engels<-ch>en <+ , > het is een luchtgevecht <+ , > loop loop <.>>!>

 

TSa:     <D>>d>aar juist zaten we aan den luien hoek en <een>>I> minuut daarna zaten we midden in den oorlog, juist lijk

D1:       <d>>D>aar juist zaten we aan den luien hoek en I minuut daarna zaten we midden in den oorlog, juist lijk

D1a:     Daar juist zaten we aan den luien hoek en <I minuut daarna>>nu> zaten we mid­den in den oorlog, juist <lijk>>gelijk>

D2:       <Daar juist>>Daarnet> zaten we aan de<-n> <luien hoek>>Luie Hoek> en <nu>>meteen> zaten we midden in de<-n> oorlog, juist <gelijk>>zoals>

 

p.65

TSa:     een kamer zijt <- ,> <eerste>>Iste> bedrijf <- ,> en subiet daarop in een bosch <- ,> <tweede>>2de> bedrijf.

D1a:     een kamer zijt <Iste>>eerste> bedrijf en <subiet>>meteen [?]> daarop in een bosch 2de bedrijf.

D2:       een kamer zijt eerste bedrijf <+,> en meteen daarop in een bos<-ch> <2de>> tweede> bedrijf.

 

TSa:     <- ,> niet omdat ze getroffen was <- ,> maar omdat ze in haar onzinnigen

D2:       <+ , > niet omdat ze getroffen was maar omdat ze in haar onzinnige<-n>

 

TSa:     te kijken en <P>>p>adakker die een spaarder en een <zeven>>7>teen en een <zékere>>zèkere> is,

D1a:     te kijken <+ .> <e>>E>n <p>>P>adakker die een spaarder en een <7>> zeven>teen en een zèkere is,

 

TSa:     <half>>I/2>

D1a:     <I/2>>half>

 

TSa:     <half>>I/2>

D1a:     <I/2>>half>

 

TSa:     gereed om de <+ kartonnen> openbare schuilplaats in te <vliegen>>vluchten> <«>>"> tegen dat er iets <ging voorvallen>>voorviel> <»>>"> en almeteens,

D1a:     <+ ,> gereed om de kartonnen openbare schuilplaats in te vluchten "tegen dat er iets voorviel" <+ .> <e>>E>n almeteens,

D2:       , gereed om de <kartonnen>>bordpapieren> openbare schuilplaats in te vluchten <+,> <">>'> tegen dat er iets voorviel <">>'>. En almeteens,

 

TSa:     er <viel>>kwam> iets <+ naar beneden> <- ,> kijk kijk <- ,> een vlieger die valt.

D1a:     er kwam iets naar beneden <+ ,> kijk kijk een vlieger die valt.

D2:       er kwam iets naar beneden, kijk <+ , > kijk <+ , > een vlieger die <valt>>neerstuikt>.

 

TSa:     dat het een bom was <- ,> het is een bom <- ,> het is een bom! <E>>e>n

D1a:     dat het een bom was het is een bom het is een bom! <e>>E>n

D2:       dat het een bom was <+ : > het is een bom het is een bom! En

 

TSa:     <- ,> en de luie hoek was almeteens een doode hoek.

D1a:     en de luie hoek was <almeteens>>plots> een doode hoek.

D2:       en de <luie hoek>>Luie Hoek> was plots een do<-o>de hoek.

 

TSa:     ondertusschen, was het een bom geweest... och het is te dwaas om er over te spreken <- ,>

D1:       ondertusschen, was het een bom geweest... <o>>O>ch het is te dwaas om er over te spreken

D1a:     ondertusschen, was het een bom geweest... Och het is te dwaas om er over te <spreken>> praten>

D2:       ondertuss<-ch>en, was het een bom geweest... Och het is <+ al>te dwaas <- om er over te praten> <+,>

 

D1a:     dan <- nog> maar een naphtebak.

D2:       dan maar een <naphte>>benzine>bak.

 

D1a:     <Aai aai>>Ha ha> <+,>

 

TSa:     en hebben ze op hun bil gekletst en hebben ze de tranen uit hun oogen gevaagd: nu bombardeeren ze <- ons> al met naphtebakken!

D1a:     en hebben ze op hun bil<+len> gekletst en hebben ze de tranen uit hun oogen gevaagd: nu bombardeeren ze al met naphtebakken!

D2:       en <- hebben ze> op hun billen gekletst en <- hebben ze> de tranen uit <hun>>de> o<-o>gen gevaagd: nu bombarde<-e>ren ze al met <naphte>>benzine>bakken!

 

ZP:       De vliegers trokken weg en gingen een eindeken verder vechten, ginder langs den kant waar de zon iederen avond opnieuw van de afgebroken huizen een hemel maakte. De sirenen gaven het einde van het alarm en de kinderen pakten elkander vast en zongen en dansten: ze blazen af! Net of men nooit meer ópblazen kon, net of de oorlog gedaan was en er nooit nooit nog een vlieger ging overkomen.

[dit tekstdeel ontbreekt in D1 en D2, en is vervangen door onderstaand tekstdeel]

TSa:     en terwijl het er toch een lol was: de ophanger kwam buiten geloopen met een been­houwerspapier, godomme ze moeten met biefstukken gesmeten hebben zei hij maar het vleesch vind ik niet meer.

D1a:     <e>>E>n terwijl het er toch een lol was: <de ophanger>>Staf Spies> kwam buiten <ge­loopen>>lopen> met <een beenhouwerspapier>>wat [xxxxx] papier van de beenhouwer>, godomme ze moeten met biefstukken <gesmeten hebben>>hebben gegooid> <+,> zei hij <+,> maar het vleesch vind ik niet meer.

D2:       En terwijl het er toch een lol was: Staf Spies kwam <buiten lopen>>buitenlopen>met <wat [xxxxxx] papier van de beenhouwer>>wat slagerspapier> <+ en riep> <,>>:> <- godomme> ze moeten met biefstukken <hebben gegooid>>gegooid hebben> <- , zei hij>, maar het vlees<-ch> vind ik niet meer.

 

ZP:       [tekstdeel ontbreekt]

TSa:     [romein, volgende pagina]

TSb:     [handschrift zetter:] geen nwe bldz.

D1:       [cursief]

 

D1a:     <hisorie uit stukken en brokken>>Dit is dan de geschiedenis> van <iemand>> Kramik>[?]> die eerst zoogezegd <- een> communist was en daarna hulpfeld­gendarm werd <+ ,> maar die nooit wat anders <geweest heeft>>was> dan een <vuilen bedrieger>> [xxx] vortbak>[?] <- voor wien alles goed was en die> zelfs <in zijn gat liet zitten door wie-voor-de-mannetjes-waren>>[?]> - en <van iemand die opdracht kreeg>>[?]> om hem uit den weg te ruimen maar het mislukte kwestie van ci en kwestie van la, en de <laatste iemand>> [xxx]> zag <de eerste iemand>>[xxxx]> in een hotel binnenkomen, lijkbleek, en vertellend dat er op zijn kamer een do<-o>de lag, heel zeker iemand <- (dus een 3de iemand)> die vermoord was geworden TERWIJL HIJ, de eerste iemand, HET ZELF GE­DAAN HAD (*)

<+ van Jan Smidt>

[in voetnoot onderaan pagina:]

(*) Zie vlakke meetkunde 28ste stelling

D1b:     [deze alinea werd in zijn geheel geschrapt en vervangen door "over de Jodenkinderen bl.55", 3 alinea's]

D2:       [oorspronkelijk 3 cursieve alinea's van volgend hoofdstuk "De twee blinden" worden aan dit hoofdstuk toegevoegd (zie volgend hoofdstuk)]