Louis Paul Boon, De voorstad groeit. Bekroond met de Leo J. Krynprijs 1942. Teksteditie en nawoord: Kris Humbeeck, Dirk de Geest, Anne Marie Musschoot, Yves T’Sjoen, Ernst Bruinsma en Britt Kennis, Em. Querido’s Uitgeverij bv, Amsterdam, 2000, 336 p. ISBN 90 214 5339 8.

   Copyright: 1942/2000 Erven Louis Paul Boon, Erembodegem.

   Omslag: Anneke Germers naar Alje Olthof. Omslagillustratie: Louis Paul Boon. Foto LPB: achterflap, copyright Erven Boon.

   Collatie: [1-6], 7-292, [293-336], 22 x 14,5 cm. Bindwijze: genaaid gebonden in linnen met stofomslag.

   Flaptekst

De voorstad groeit is een kerkhof van illusies. Wie aan de greep van de grauwe, naamloze voorstad wil ontsnappen moet zich onmenselijke inspanningen getroosten. De jonge Mark verkoopt zijn ziel aan de vooruitgang. Hij wordt grootindustrieel en tovert de voorstad om in een bouwput. Te midden van zijn imperium waant Mark zich een god. Intussen tracht de minder fortuinlijke jeugd van de voorstad zich een weg te banen naar het geluk. Sander, Marian, Jean, de schone Elie, Morris: zij dromen allen van een beter leven en een rechtvaardiger maatschappij, terwijl in de verte de oorlog steeds dichterbij komt. En Bernard, de manke kunstenaar die de werkelijkheid niet aankan, gelooft dat zijn schilderijen de Waarheid aan het licht zullen brengen. 'De een zegt dit en de andere dat. En ... ach. Enzovoort, enzovoort.'

Louis Paul Boon (1912-1979) kreeg in 1942 de Leo J. Krynprijs voor zijn debuut De voorstad groeit. Het was de eerste roman die hij voltooide en in de openbaarheld bracht. De wereld die Louis Paul Boon in De voorstad groeit beschrijft is gedoemd ten onder te gaan. De roman leest als een kroniek van het aangekondigde verval. Tegelijk tracht Boon een realistisch portret te schetsen van de mensen in de voorstad. Het meesterlijke resultaat is een haast visionair epos dat even verwant is aan de boeken van John Dos Passos als aan Citizen Kane van Orson Welles.

‘Ik begon 's avonds om halfnegen en ik herinner mij dat ik pas stopte toen ik mijn vrouw van uit bed hoorde roepen dat het half drie was.’.
Willem Elsschot over De voorstad groeit .

‘Boons genie werd gekenmerkt door het feit dat hij in zijn eentje alle literaire stromingen van de afgelopen eeuw heeft bedacht voordat ze door de roergangers ervan werden geformuleerd.’ Jeroen Brouwers in Humo-Boekenbeursbijlage 1999.

   Annotatie: ‘Slecht gedrukt, slecht gelezen, slecht beoordeeld.’ door Kris Humbeeck (p.295-311)/ ‘Tekstverantwoording’ door Kris Humbeeck, Dirk de Geest, Anne Marie Musschoot, Yves T’Sjoen, Ernst Bruinsma en Britt Kennis (p. 312-336).