De voorstad groeit

   Een jongetje uit een naamloze voorstad komt bij het spelen onder een auto terecht en wordt zwaargewond weggevoerd. Nooit zal deze Bernardeke weer normaal kunnen lopen en ondanks alle goede zorgen van zijn ouders raakt hij al snel geïsoleerd. Door te tekenen neemt hij revanche op het leven, dat beheerst wordt door misverstand, dwaas onbegrip en het onvermogen van mensen om zich waarlijk met elkaar verbonden te voelen. Misverstand is ook het deel van Bernardeke's buurmeisje, dat verliefd wordt op de sceptische Sander en in de waan verkeert dat die liefde wederzijds is. Maar Sander trekt de wijde wereld in, waar zijn vermoeden bevestigd wordt dat in de samenleving alles begoocheling is en berust op conventie: god, de moraal en het Schone & Verhevene ... allemaal dom bedrog! Wat hij nog bezit aan hoop, geloof en liefde, schenkt Sander in een oosterse havenstad aan een Hongaarse naaktdanseres.
Zijn pendant is Jean, wiens (boeken)kennis niet gecorrigeerd wordt door ervaring. Wegens vage sympathieën voor een revolutionaire partij verliest Jean zijn betrekking als onderwijzer. Zijn dromen van een onaards geluk vertaalt deze voorstadsbewoner in romantische rijmelarijen, waarmee hij het hart van zijn straatgenote Elie hoopt te veroveren. Elie is ook al een dromer, soms lijkt ze wel boven de grond te zweven. Haar bijna vergeestelijkte staat vormt een schril contrast met de warmbloedigheid van haar vriendin Maria, die zwanger wordt en met de soldaat Ingels moet trouwen.
In Elie is onnoemelijk veel liefde, maar die is niet voor Jean bestemd. Haar verlangen gaat uit naar het rijke burgerkind Mark, dat niet ongevoelig blijkt voor Elies charmes, maar geen plaats voor haar wil inruimen in zijn hart. De cijferfetisjist Mark koestert andere dromen: als grootindustrieel wil hij de wereld veroveren. Met geleend geld koopt Mark een onooglijk schoenfabriekje, dat een opstapje is voor een ongeëvenaard zakenimperium. Op één na ontvangen de kleine lieden uit de oude voorstad intussen een onteigeningsbevel. De grindweg waaraan ze wonen, moet plaatsmaken voor een boulevard en 'woningblokken' .

   Ingels wordt gemobiliseerd, er dreigt oorlog. Mark vaart daar wel bij. Hij dumpt Elie en sluit een verstandshuwelijk met de adellijke Hilda Durwez, bij wie de altijd bedrijvige cijferaar een zoontje verwekt dat hij nauwelijks een blik waardig gunt. Terwijl zijn verwaarloosde vrouw in waanzin wegzinkt, groeit zijn kleine Guido op onder de stille terreur van huisleraren. Elie trouwt in arren moede met de gefrustreerde en rancuneuze wereldverbeteraar Jean, met wie ze een kind krijgt. Intussen papt haar vriendin Maria met menige man aan. Sander is terug in het land. Zijn Hongaarse geliefde werd vermoord en hij trouwt met Bernardeke's buurmeisje, dat haar jarenlange trouw beloond ziet met een kinderrijk maar onbevredigend leven.
Bernardeke zelf lijkt op weg een bekend artiest te worden. Aanvankelijk beeldde hij op naïef-realistische wijze de oude voorstad uit, maar nu er fabrieken en woonkazernes uit de grond worden gestampt, laat hij zich zijn thema's door de Academie dicteren. Daarvoor krijgt hij een mooie prijs. Dan wordt het echt oorlog en de voorstad wordt gebombardeerd.

   Ingels keert blind terug van het front, terwijl de strijd in zijn eindfase treedt. Het hele economische leven staat nu in het teken van de oorlog en er heerst alom tekort. Tegen betaling biedt Maria het mansvolk haar diensten aan. Haar oudste zoon Albrik ondergaat intussen minder invloed van zijn blinde vader Ingels dan van Jean, die, samen met zijn verlangen naar het Rijk der Vrijheid, ook zijn fanatieke haat tegen de bestaande orde en zijn afkeer van het 'domme' volk overdraagt op de ontvankelijke jongeling. Na de oorlog komt dat volk onder Albriks leiding in opstand tegen de door Mark belichaamde orde. Jeans volgeling schiet twee rijkswachters dood en verbergt zich in een lege fabriek. Hij heeft er het gezelschap van drie ex-gevangenen, die opgesloten werden op de dag van Bernardeke's ongeluk en de wereld geheel ontwend zijn.
Bernardeke zelf ervaart dat hij iets in het leven heeft gemist wat hij kennelijk terugvindt in Elies dromerige dochter Marian, die hij, half in extase, portretteert. Het poppenmeisje heeft evenwel haar hart aan Albrik verpand. Nog rijker geworden door de wapenindustrie, begint Mark te dromen van de ideale Stad.

   De al langer zieke Elie sterft 's nachts, alleen en van Mark verlaten, bij de rivier. Haar dochter Carrie beschouwt dit trieste einde als een straf van God, die ook haar op een dag zal treffen. Ze gaat gebukt onder schuldgevoelens over een abortus, tot ze weer met het leven wordt verzoend door Morris, Sanders zoon, die beweert alle dromen en illusies achter zich te hebben gelaten. Intussen vertoont ook de droom van de schilder Bernardeke barsten: zijn verheven kunstenaarsliefde voor het poppenmeisje Marian, zijn aanbeden model, slaat om in vleselijke begeerte.
Diezelfde Marian ziet de held harer dromen achter de tralies verdwijnen. Albrik, na zich onbaatzuchtig te hebben ingezet voor de Partij, wordt namelijk tot zondebok gekroond wanneer er zich een ramp in Marks nieuwste fabriek voordoet en het volk van de voorstad in opstand komt.

   Als laatste van de kleine lieden die oorspronkelijk de voorstad bevolkten, wordt nu ook Bernardeke onteigend. Hij trekt zich terug op een woonboot, die Het Brood Onzer Tranen heet. Daar mag hij enige weken het gezelschap genieten van Marian. Na de dood van haar moeder is Elies dochter namelijk door Jean de deur gewezen, waarna ze een tijdlang in de verlaten fabriek van de drie ex-gevangenen verbleef. Tussen de regels door valt te lezen dat Marian zich door Bernardeke laat zwanger maken. Dan verhuist ze naar een café met een kwalijke reputatie, waar deze nieuwe Maria Magdalena de dompelaars troost verschaft. Na de geboorte van haar achterlijke kind Toor keert ze naar haar appartement terug. Haar grote liefde wordt vrijgelaten en Marian probeert een normaal gezinsleven op te bouwen, maar Jeans integratie in de bestaande orde is van korte duur.
Inmiddels wordt Marks droomstad voltooid, kort nadat zijn zoon Guido zelfmoord heeft gepleegd. Het nieuws raakt bekend dat het droommeisje Fanieke, dochter van Carrie en Morris, door Toor is vermoord.